Koninklijke Muziekkapel van de Gidsen

Koninklijke Muziekkapel van de Gidsen

Sinds de oprichting in 1832 als particuliere muziekkapel van de Koning, berust de identiteit van de Koninklijke muziekkapel van de Gidsen op volgende pijlers:
• De structuur van een groot harmonieorkest aangevuld met een uniek cavalerie-trompetterkorps
• Het klassieke repertorium ontstaan uit een uniek patrimonium van werken die specifiek gecomponeerd of bewerkt werden voor dit orkest
• En ten slotte een opvolging van prestigieuze dirigenten.  
Door deze pijlers kan het orkest en haar trompetterkorps al haar taken vervullen volgens de hoogste kwaliteitscriteria.
De muzikale rijkdom van de Koninklijke muziekkapel van de Gidsen is dat van een groot harmonieorkest en een cavalerie-trompetterkorps van internationale faam.

Video

Historiek

De Koninklijke Muziekkapel van de Gidsen bestaat uit een groot harmonieorkest van 84 streng geselecteerde musici, allen titularis van verschillende Eerste Prijzen van onze Koninklijke Conservatoria, en een trompetterkorps van 19 trompetters. Sinds haar ontstaan in 1832 heeft deze Muziekkapel door haar uitzonderlijke kwaliteiten zowel specialisten, onder wie talloze grote componisten - gaande van Berlioz tot Strawinski -, als het grote publiek in binnen- en buitenland weten te boeien. Geregeld verkiezen grote buitenlandse componisten, zoals onlangs Roger Boutry en Derek Bourgeois, hun werken door het Groot Harmonieorkest van de Gidsen te laten creëren of zelfs op CD te laten opnemen. Toch heeft dit eliteharmonieorkest zich sinds lang in de eerste plaats geroepen gevoeld om muziek van eigen bodem, zoveel mogelijk originele harmoniemuziek, te propageren. Dit gebeurt door concertreizen, radio-uitzendingen en CD-opnames.

In het najaar van 1832 gaf Koning Leopold I de opdracht aan Jean-Valentin Bender om een Muziekkapel op te richten die verbonden zou zijn aan de Koninklijke Wacht. Omdat de Muziekkapel van de Gidsen het Koninklijke Paar zeer vaak begeleidde bij hun buitenlandse reizen, kreeg ze de eervolle titel van "Particuliere Muziekkapel van de Koning". Een reeks illustere dirigenten zorgden ervoor dat de kwaliteit van deze muziekkapel steeds de hoogte in bleef gaan, zodat zij weldra tot de beste ter wereld gerekend werd. Van zodra de grote Belgische componisten de kwaliteit en de uitstralingskracht van de Muziekkapel van de Gidsen ontdekten, beginnen zij geregeld speciaal voor dit virtuoos harmonieorkest te componeren. Dit gebeurt voor het eerst tijdens de periode dat Arthur Prevost aan het hoofd van "De Gidsen" stond. In 1925 wijdt Prevost met zijn kapel een heel concert aan het oeuvre van Meester Paul Gilson, de grondlegger van de moderne muziek voor blaasorkest in België. In de daaropvolgende jaren ontstaat een intense samenwerking met Gilsons belangrijkste leerlingen die zich verzameld hadden in de groep van De Synthetisten. Naast Francis de Bourguignon, Maurice Schoemaeker, Theo Dejoncker, Jules Strens en Gaston Brenta die elk één of twee werken voor de Gidsen creëerden, zullen vooral Marcel Poot en René Bernier talloze werken voor het harmonieorkest componeren.

Er waren componisten die voor de Gidsen schreven omdat er in die tijd in België geen professioneel symfonisch orkest bestond. Heel wat andere componisten, o.m. Joseph Jongen, laten trouwens hun symfonische werken in transcriptie door het harmonieorkest van de Gidsen uitvoeren. Een concertreis doorheen de Verenigde Staten van Amerika in 1929 bleek een uitstekend propagandamiddel voor dit elite harmonieorkest, voor onze Belgische muziek en voor ons land. Na de Tweede Wereldoorlog drukt vooral kapelmeester Simon Poulain zijn meesterlijke stempel op dit unieke orkest. Meester Jean Absil zou door zijn samenwerking met Yvon Ducène, kapelmeester van de Gidsen van 1962 tot 1985, een tweede doorbraak van de harmoniemuziek bij de grote Belgische componisten teweeg brengen. Ducène creëert met de Gidsen werken van onder meer Jean Absil, René Barbier, René Bernier, Peter Cabus, Franz Constant, René Defossez, Jacqueline Fontyn, Jacques Leduc, Victor Legley, Jean Louël en Daniel Sternefeld. Hij maakt diverse plaatopnames met werk van eigen bodem. Het was dan ook heel terecht dat de Unie van de Belgische Componisten in 1974 aan Yvon Ducène de Fugatrofee toekende omwille van zijn verdiensten als verdediger van de Belgische muziek.

In 1985 werd Norbert Nozy, zelf een internationaal gewaardeerde saxofoonvirtuoos, dirigent van dit eliteorkest. Door middel van talloze prestigieuze concerten in binnen- en buitenland, door radio- en televisieoptredens en de productie van een indrukwekkende reeks van zowat vijftig Cd’s bewijst Nozy dat het orkest tot de absolute wereldtop behoort. Hij propageert de Belgische muziek in binnen- en buitenland en spoort onze grote componisten regelmatig aan om voor het Groot Harmonieorkest van de Gidsen te componeren. Onder zijn leiding creëren de Gidsen onder meer werk van Franz Constant, Frédéric Devreese, Jacqueline Fontyn, Victor Legley, Jean Louel, Jean Redouté, Jean-Marie Simonis, Jan Van der Roost en André Waignein. Ondertussen brengt het Groot Harmonieorkest van de Gidsen Cd’s uit die integraal gewijd zijn aan het œuvre van René Defossez, Franz Constant, Jean Absil, Victor Legley, Jacqueline Fontyn, de Synthetisten, Paul Gilson, Marcel Poot en August De Boeck. Het is niet verwonderlijk dat ook Nozy de Fugatrofee in 1991 mocht in ontvangst mocht nemen. Indrukwekkende integrale uitvoeringen van diverse symfonieën van Ludwig van Beethoven, de Symfonie uit de Nieuwe Wereld van Dvórak en de Derde Symfonie van Gustav Mahler, in exclusieve bewerkingen (waarvan verschillende van kapelmeester Nozy) en een buitengewoon optreden met de wereldberoemde diva Barbara Hendrickx in de Neue Philharmonie van Keulen zijn slechts enkele hoogtepunten uit deze roemrijke periode.

Succesrijke concerttournees in Canada, Hongarije, Spanje, Thailand, Turkije en de USA (met o.m. een prestigieus concert in Constitution Hall in Washington) verrijken het indrukwekkend palmares van 's lands meest vooraanstaande militaire muziekkapel. In oktober 2003 bereikt Norbert Nozy de leeftijdsgrens en wordt hij opgevolgd door Adjudant-majoor François De Ridder tot aan diens tragisch overlijden in juni 2007, waarna Adjudant-majoor Dirk Acquet een tijdje als interim-dirigent fungeert. In deze periode neemt het Groot Harmonieorkest van de Gidsen enkele Cd’s op onder de leiding van bekende gastdirigenten zoals Jan Cober, Henrie Adams, Jan Van der Roost en Roger Boutry. In november 2007 verleent de “Académie royale des Sciences, des Lettres et des Beaux-Arts de Belgique” de Prijs van de klas voor Kunsten en Letteren aan de Muziekkapel van de Gidsen.

Sinds maart 2008 is Luitenant Yves Segers de nieuwe kapelmeester van de Koninklijke Muziekkapel van de Gidsen. Hij zet de traditie die door zijn illustere voorgangers werd opgebouwd, met brio verder. Getuige hiervan zijn al diverse spraakmakende Cd-opnames zoals o.m. Prokofievs Peter en de Wolf, de Wine Symphony van Derek Bourgeois, een hele reeks werken van Frédéric Devreese alsook werk van jonge hedendaagse Vlaamse componisten. Naast meerdere prestigieuze concerten in het Paleis voor Schone Kunsten, dirigeerde Yves Segers al een aantal concerten met vooraanstaande solisten zoals o.m. klarinettist Walter Boeykens en pianist/componist François Glorieux. Een succesrijk concert met zangeres Nathalie Choquet in Québec (Canada) in augustus 2008 werd door de pers geloofd. In januari 2009 werd de muziekkapel uitgenodigd door de VRT Radio voor de dag van “Klara in het Paleis”, met een prachtige live-uitvoering als resultaat. De Koninklijke Muziekkapel van de Gidsen bewijst eens te meer nog steeds tot de wereldtop te behoren.

 

Naast het Groot Harmonieorkest beschikt de Koninklijke Muziekkapel van de Gidsen ook over een Trompetterkorps, enig in zijn soort, dat sinds maart 2013 onder de leiding staat van Adjudant-Chef Olivier Brichau. Ook dit ensemble heeft ook een opmerkelijk staat van dienst met diverse prestigieuze optredens in binnen- en buitenland.

Dirigent

Kapitein kapelmeester Yves Segers

Curriculum Vitae

Yves Segers (Temse, 1978) studeerde gedurende tien jaar aan het Koninklijk Conservatorium te Brussel en behaalde maar liefst vier diploma’s, waaronder drie Master diploma’s voor dwarsfluit, voor Hafabra-directie en voor symfonische orkestdirectie bij respectievelijk Carlos Bruneel, Norbert Nozy en Silveer Van den Broeck. Tijdens deze studies, volgde hij ook meester-cursussen bij o.a. Emmanuel Pahud, Patrick Gallois, Jonathan Snowden, Philippe Boucly en Catherine Ransom.
Als fluitist was Yves Segers laureaat van verschillende wedstrijden, waaronder “Axion Classics” (1996) en “Tenuto” (2000) met opnames voor radio en televisie. Verder ontving hij in 2001 de beurs van de Artistieke Stichting “Horlait-Dapsens” voor zijn uitzonderlijke prestaties aan het Brussels conservatorium en in juni 2002 werd hij geselecteerd voor deelname aan de “2nd Carl Nielsen International Flute Competition” in Denemarken.